Een voor een druppelen ze binnen, collega’s uit alle hoeken van de organisatie en ook uit alle lagen van de organisatie, leden van het medewerkerpanel. Eerst een lekkere pastamaaltijd in de kantine van het Kellebeek College en daarna aan het werk.
Ongeveer anderhalf jaar geleden is het panel ingericht met als belangrijkste doel een klankbord zijn voor de Raad van Bestuur. Niet langs de lijnen van de hiërarchische structuur maar zonder grenzen en beperkingen 'bottom up en top down in één beweging', tweerichtingsverkeer dus. Het panel is zorgvuldig samengesteld om volledig representatief te zijn en eigenlijk betekent dat: spreken met het panel van 300 medewerkers, is spreken met het hele team van 3000 medewerkers. Goud waard voor mij als bestuurder.
Het zou vanavond de derde live meeting worden. Rond de 70 panelleden verzamelden zich. In de afgelopen periode heeft het panel deelgenomen aan 5 grote digitale enquêtes over een breed terrein van aandachtsvelden. Onderwerpen kwamen voorbij als 'gedroomd en ervaren' leiderschap binnen ROC West-Brabant, talentontwikkeling en werkdruk, een eigen beroepscode, onze hoofdpijnpunten, competentieonderwijs, de kwaliteit van ICT, financieel beleid. De live meetings zijn bedoeld om elkaar te spreken en te bevragen over de uitkomsten van de enquêtes en uiteraard de vervolgstappen: wat wordt met de uitkomsten gedaan en wat kunnen we ervan verwachten? Digitale communicatie is prachtig, maar er gaat niets boven werkelijk ontmoeten, spreken en elkaar in de ogen kijken, onvervangbaar. Een voor een werden de enquêtes doorgenomen met weer zinderende discussiemomenten. Hard werken, diepe betrokkenheid en gloedvolle betogen, maar ook humor en lachsalvo’s waren weer niet van de lucht. Genieten dus. Bert vertelde kort over het werk van zijn commissie over het onderwerp leiderschap en Chris deed dat over het werk van de wegingcommissie die bezig is alle (honderden) suggesties uit de laatste enquête te verzamelen, te rubriceren en van een advies te voorzien; letterlijk, te wegen. (zie ook deze eerdere blogs: Het doet er toe, Van financieel beleid naar een welgemeende kerstgroet , "Het zit in m'n bloed meneer")
Na anderhalf jaar op deze wijze werken met elkaar, is het ook goed om te evalueren. Heeft het zin, spreekt het aan, zijn we op de goede weg, hoe kan het nog beter? Maar ook, gaan we verder met het panel? Is er voldoende toegevoegde waarde? En gaan we in dezelfde samenstelling verder of is er ruimte voor nieuw bloed? De reacties waren nagenoeg eenduidig. Het panel heeft zijn waarde bewezen, we gaan graag verder en ja, laten we vooral de deur open zetten voor een nieuwe groep collega’s. Op de vraag, “wie wil in het panel blijven, wie wil mee blijven doen” kwam een overweldigende en massale reactie. Voor mij een kippenvel moment. Als zoveel collega’s in hun eigen tijd, vrijwillig bereid zijn zo intensief mee te denken, dan raakt mij dat diep. Heerlijk en chapeau.
Er stond nog een derde onderwerp op de agenda. Uitgenodigd was Robert Coppenhagen, auteur van het boek De belofte van Laagland. Hierin beschrijft hij de koploperstrategie en enkele maanden eerder had ik dit boek besteld voor alle 300 leden van het panel. Het panel heeft al iets van een groep koplopers, immers. De vele, positieve reacties op het boek vroegen om een vervolg en dus, was hij er zelf. Het zou een zeer inspirerend uur worden. Robert duidde in zijn bijdrage de rol van koplopers met prachtige oneliners. Teksten als “wat aandacht krijgt, dat groeit” en “als een organisatie zich naar zijn koplopers richt, loop je altijd voorop”. Een prachtig betoog zou volgen over verschillende paradigma’s van beleid, de beheerser/basiskwaliteit-de bestuurder/strategie-de professional/vakmanschap-de koploper/innovatie. Alle 4 even essentieel, maar wel in de juiste volgorde.
Een boeiend vraag-antwoord spel ontstond tussen Robert en het panel. Is veiligheid en vertrouwen niet belangrijk, zelfs voorwaardelijk voor de koploper? Ja natuurlijk, maar ook nee: een echte koploper neemt zijn ruimte, vraagt er niet om.
De slotdiscussie, hoe kan het anders, ging over de vraag of de koploperstrategie iets zou kunnen betekenen voor ROC West-Brabant. En dat blijkt veel te kunnen zijn. Wordt zeker vervolgd.
Ik koester mijn kippenvel moment.
Rob Franken
_